
Marc Van Overloop
Marc Van Overloop werkt op het Departement Chemische Ingenieurstechnieken van de Faculteit Toegepaste Wetenschappen en is syndicaal afgevaardigde.
10 jaar geleden kon ik me niet voorstellen in welke richting mijn engagement in de vakbond aan de universiteit zou gaan.
Ik bekeek het vakbondswerk vanop een afstand en diende mijn lidmaatschap (nu bijna 30 jaar) enkel om het gewicht van de LBC hier wat te vergroten.
Tot een tiental jaren geleden dus.
Door toevalligheden kwam ik rechtstreeks in contact met onze syndicale afgevaardigden. Zo stelde ik vast dat hier een groep mensen aan het werk was die de dagelijkse beslommeringen van hun eigen werkomgeving trachtten te overstijgen en iets probeerden te betekenen voor het personeel van de ganse universiteit. Dit liet mij niet meer los en toen ze mij na een tijdje vroegen of ik deel wou uitmaken van de actieve militantengroep was mijn beslissing snel genomen. Ik kwam erbij en ik bleef erbij. Eigenlijk vroeg het niet veel inspanning om bij de basisgroep van de actieve militanten te horen. Er waren enkel de avondvergaderingen van de kerngroep.
Om een goed doorzicht te krijgen in de vakbondswerking vond ik het echter wel nodig om overdag ook naar vergaderingen van de syndicale afvaardiging te gaan.
Momenteel staat er sterke druk op de vakbondswerking. We hebben in het laatste decenium in onze werkomgeving nogal wat verandering meegemaakt. De werkdruk is sterk toegenomen en de werkonzekerheid is ook toegenomen (tijdelijke contracten).
Als ik een voorlopige balans opmaak van mijn vakbondswerk in de afgelopen jaren kom ik tot enkele conclusies.
Vooreerst stel ik vast dat ik de vakbondsmilitanten niet meer zou willen missen. Er is een goede band ontstaan die de gewone collegialiteit overstijgt. Ook stel ik vast dat het voldoening geeft van in de overlegorganen te kunnen proberen iets voor het ganse personeel te doen, ondanks het extra werk dat zo’n engagement met zich meebrengt. Nog een positieve ervaring is de mogelijkheid om in individuele dossiers een bemiddelende rol te kunnen spelen.
Er zijn ook zaken die wat tegenvallen. De vaststelling dat onderhandelde veranderingen jaren op zich kunnen laten wachten of helemaal niet gebeuren (wat daar dan ook de reden voor mag zijn) is soms frustrerend. Het verkeerde idee dat hier en daar soms nog bestaat dat je als vakbondsmilitant voordelen hebt, doet pijn.
Samengevat vind ik de balans wel positief en wil ik zo lang mogelijk actief vakbondsmilitant te blijven.